Aflevering 12: De Limes in beeld brengen, deel 1

Als afsluiting van een mooi eerste seizoen van De Limes leeft! bezoek ik een Limeslocatie bij uitstek, namelijk de restauratiewerf van de Zwammerdamschepen in het Archeon. Ik ga in gesprek met initiatiefnemer Tom Hazenberg, die vanaf het begin bij de Limes is betrokken. Hij vertelt over de verschillende Limesopgravingen waar hij aan heeft deelgenomen. Ook deelt hij zijn ervaringen op het gebied van Limesprojecten en publieksactiviteiten die door de jaren heen zijn opgezet en die soms succesvol en soms minder succesvol zijn gebleken. In deel 1 van het interview vertelt Tom over zijn interesse voor archeologie , Limesopgravingen en het opzetten van blijvende plekken waar de Limes beleefd kan worden.

Aflevering 11: De Limes in Leidsche Rijn

Vorige aflevering hebben we uitgebreid gesproken over de reconstructie van het Romeinse Schip de Meern I, dat jarenlang in Woerden voer. Deze aflevering ben ik in Castellum Hoge Woerd, de locatie waar het echte schip is te bewonderen. Erik Graafstal, gemeentelijk archeoloog van Utrecht, vertelt me wat er zo bijzonder is aan dit Romeinse schip dat er een heel museum omheen is gebouwd. Hij vertelt over de totstandkoming van Castellum Hoge Woerd en over tientallen jaren opgraven in Leidsche Rijn. Op het moment van opname was er vlak naast het Castellum nog een opgraving bezig. Deze opgraving heeft een hoop nieuwe kennis opgeleverd over de rivier die naast het Castellum liep. Speciaal voor De Limes leeft! licht Erik een tipje van de sluier op over een bijzondere ontdekking!

Aflevering 10: Stichting Romeins Schip Woerden

Dit is aflevering 10 van De Limes leeft! en daar past een bijzonder verhaal bij. 10 jaar lang zijn Henk en Irene Vlot de drijvende kracht achter Stichting Romeins Schip Woerden geweest. Met een gedreven team vrijwilligers hebben ze met de Per Mare Ad Laurium en de Fiducia, reconstructies van de Utrechtse schepen de Meern I en de Meern VI, vele arrangementen gevaren. Groepen middelbare scholieren, historische verenigingen, gezelligheidsclubjes, families, allemaal hebben ze het verhaal over de Romeinse Limes per schip mogen ervaren. Met Henk Vlot blik ik terug op deze jaren. Helaas is er nu een eind gekomen aan de stichting en verdwijnen de schepen uit Woerden. Maar zoals Henk het mooi verwoordt: ‘Na een periode van goed pleegouderschap gaan de schepen terug naar Utrecht en dan zijn ze weer thuis.’

Aflevering 9: De smaak van de Limes

Claudia Vandepoel brengt met haar bedrijf de Historische Keuken de smaak van het verleden tot leven. Ze kan hierbij de deskundigheid van haar man en archeobotanicus Okke Dorenbos goed gebruiken. Claudia verzorgt historische catering, zodat mensen kunnen proeven wat bijvoorbeeld de Romeinen langs de Limes aten. Ze schreef 'Sapor Limitis' , een kookboek over de smaak van de Limes. Op dit moment is ze druk met een nieuw kookboek over de Limes, maar dan over de grens heen. Ze start in Xanten en eindigt bij de Muur van Hadrianus. Een unieke preview, want we zullen nog tot november van dit jaar moeten wachten tot het boek uitkomt.

De Limes in Duitsland: een bezoek aan Archeologisch Park Xanten

Nederland en Duitsland zijn buurlanden. Een overeenkomst is dat de Rijn door beide landen stroomt. In de Romeinse tijd was deze rivier de noordgrens van het Romeinse Rijk. Als je de Rijn naar het oosten volgt, kom je dus vanzelf langs allerlei interessante Romeinse plekken in Duitsland. Op 27 juni was ik samen met zo'n veertig Limes-liefhebbers in Archäologischer Park Xanten, oftewel Colonia Ulpia Traiana, zoals de stad in de Romeinse tijd heette. Deze dag werd georganiseerd door Romeinse Limes Nederland.

Het LVR Römermuseum

Het LVR Römermuseum

In de ochtend luisteren we naar een presentatie van Dr. Norbert Zieling. Hij vertelt ons dat alle reconstructies in het park precies op de plek zijn gebouwd waar het origineel onder de grond ligt. Voordat zo'n reconstructie wordt gebouwd, vindt er een archeologische opgraving plaats. Op deze manier verkrijgen ze de benodigde informatie voor de reconstructie. Dat is een werkwijze die we in Nederland volgens mij niet kennen. Denk maar aan Castellum Hoge Woerd waar het moderne castellum als het ware zweeft, zodat de archeologische resten onder de grond veilig worden bewaard voor de toekomst. Op plekken in het park waar faciliteiten zijn gebouwd, zoals een speeltuin, hebben ze er echter wel voor gezorgd dat de grond wordt opgehoogd ter bescherming van de archeologie.

lunch.JPG

We lunchen in de herberg waar we een stevige goulash soep krijgen met Romeins brood. 's Middags staan er rondleidingen op het programma. Ik heb gekozen voor een rondleiding in het LVR Römermuseum. We worden meegenomen door Stephan Quick, verantwoordelijk voor de educatie in het museum. Hij vertelt ons hoe ook hier is nagedacht over het gebouw. Het museum is onderdeel van het badhuis. In tegenstelling tot de rest van het park is hier geen reconstructie gebouwd, maar zijn de fundamenten van het badhuis zichtbaar gemaakt. Het moderne gebouw heeft echter wel de omvang en vorm van het originele badhuis. Het is duidelijk hoe groot het moet zijn geweest. Het museumgebouw is verbonden met het badhuis. Oorspronkelijk was dit de entree van het badhuis, een enorme hal waar waarschijnlijk allerlei winkeltjes of kraampjes waren gevestigd. Er was geen sprake van verdiepingen. Daarom is het museum heel open gebouwd. De verdiepingen lijken te zweven in het gebouw, waardoor de oorspronkelijke openheid zichtbaar blijft. De opbouw van het museum is chronologisch. Het verhaal begint in de Late IJzertijd en eindigt helemaal boven in het gebouw met de Late Oudheid op het moment dat de Franken de stad proberen te veroveren. Op weg naar boven kom je kabinetten tegen, waar belangrijke gebeurtenissen worden uitgelegd, zoals de Bataafse Opstand in 69 n.Chr.

Een bijzondere platbodem

Na de rondleiding sluit ik me aan bij archeoloog Sebastian Held. Hij kan wat dieper ingaan op bepaalde objecten. Zo weet hij me te vertellen waarom het Romeinse schip dat hier is te zien geen typisch transportschip is. De oorspronkelijk 15 meter lange platbodem heeft namelijk een bijzondere toevoeging aan de onderzijde van het schip. Tussen de planken is ijzerbeslag aangebracht. Dat doet vermoeden dat het schip recht op de oever werd gevaren. Het gaat hier dus om een pont die van de ene oever naar de andere oever voer om mensen en wellicht dieren naar de overkant te brengen.

2.JPG
3.JPG

Een Germaanse oorlogsgodin

Sebastian staat ook even stil bij een vitrine waar ik zo voorbij zou zijn gewandeld. Er liggen een heleboel kleine vondsten in, voornamelijk van metaal. Voor een deel zijn het brokken en stukken. Zo liggen er een paar bronzen vingers. Het verhaal achter deze vondsten blijkt interessant. Dankzij een gedeeltelijke inscriptie op een altaarsteen weten ze dat het om offers gaat voor een Germaanse krijgsgodin Vagdavercustis.  Vijftien kilometer ten noorden van de stad lag een Gallo-Romeinse tempel, gewijd aan deze godin. De legionairs die waren gelegerd in Colonia Ulpia Traiana bezochten de tempel om bescherming te vragen. Het klinkt een beetje als het verhaal van Nehalennia, eveneens een lokale godin die door de Romeinen werd overgenomen.

4.JPG

Het was een zeer geslaagde dag. Dankzij de rondleidingen ben ik veel meer te weten gekomen dan tijdens mijn individuele bezoek in 2015. Het park is volop in ontwikkeling. Dat maakt het interessant om elke paar jaar weer eens te gaan kijken.

Meer weten?

Aflevering 8: Dromen over DOMunder

Theo M. A. van Wijk is initiatiefnemer van DOMunder in Utrecht. Vanaf het moment dat hij in 1985 het keldertje ontdekt waarin de noordmuur van het castellum ligt verborgen, laat het hem niet meer los. Het kost tientallen jaren om de gemeente ervan te overtuigen hoe bijzonder de plek is en wat het belang is om dit te delen met het publiek. Stapje voor stapje is het gelukt om steeds meer voor elkaar te krijgen. DOMunder 1 en 2 is slechts het begin. De droom van Theo reikt veel verder. Domplein is een plek waar alles bij elkaar komt: geschiedenis, cultuur, religie, wetenschap en democratie. Met DOMunder wil hij een plek van verbinding creëren.

DOMunder heeft op dit moment zo'n 80 vrijwilligers die bezoekers begeleiden op hun belevingstocht door de geschiedenis van het Domplein. Aangezien de meeste bezoekers niet weten waar ze zijn, is DOMunder 1 bedoeld als kennismaking met de plek. Op een interactieve manier oriënteren ze zich op waar ze zijn en wat er op deze plek is gebeurd. Dit deel is zo ontworpen dat alles mag worden aangeraakt, zodat de bezoekers er ook echt een gevoel bij krijgen. Dat geldt dus ook voor de 2000 jaar oude castellummuur die hier zichtbaar is gemaakt.

Na deze eerste kennismaking worden de bezoekers uitgenodigd om mee te gaan naar DOMunder 2. Ze krijgen een lamp mee en worden op dat moment zelf archeoloog. Vanaf dat moment mag niets meer worden aangeraakt. De mensen gaan op pad om zo hun eigen geschiedenis te ontdekken. Als oriëntatie kijken ze eerst nog een film waarin 2000 jaar geschiedenis voorbij komt. Alle bouwwerken die door de tijd heen zijn verschenen en verdwenen op het Domplein, komen voorbij. DOMunder heeft als doelstelling om ervoor zorgen dat bezoekers de waarde van de plek begrijpen en meer te weten komen over hun eigen geschiedenis.

Onderdeel van de Limes

Als je de Limes op een bijzondere manier wilt beleven, dan is DOMunder zeker een aanrader. Zo’n 5 meter onder het Domplein ligt het Romeinse castellum Traiectum. Resten van onder andere de stenen castellummuur en het hoofdgebouw van de commandant zijn te zien. Misschien nog wel spannender is dat de verschillende lagen van de eerdere houten forten zichtbaar zijn gemaakt, inclusief de brandlaag van de Bataafse opstand. Vergeet tenslotte niet boven de grond te kijken. In de straat is de volledige omvang van het fort weergegeven.

Lezingen langs de Limes: Deel 2

Vorige maand bezocht ik twee boeiende lezingen. Op 5 juni was ik in het Archeon voor de lezing Terug naar de thermen, gegeven door conservator Karen Jeneson (Thermenmuseum Heerlen). Op 18 juni was ik in Castellum Hoge Woerd voor de lezing Expeditie over de Maas, gegeven door archeoloog Nils Kerkhoven. Twee lezingen gehouden langs de Limes, maar niet over de Limes. In deze blog bespreek ik een bijzondere plek waar ooit de Maas en de Waal met elkaar in verbinding stonden.  

Nils Kerkhoven met de mammoetkies

Nils Kerkhoven met de mammoetkies

Nils Kerkhoven werkt als professioneel archeoloog in Utrecht. Op dit moment is hij werkzaam bij de opgraving vlak bij Castellum Hoge Woerd. Hij weet dan ook ontzettend veel over het Limesgebied. Dat is echter niet het onderwerp van zijn lezing vanavond. Nils woont in Dreumel, een plaatsje gelegen tussen de Maas en de Waal. Daar is hij in 2010 vrijwillig een bijzonder archeologisch project gestart met een betrokken team van niet-archeologen . Dit project is bekend als Expeditie over de Maas en wordt ondertussen de grootste archeologische vindplaats van Nederland genoemd.

Een archeologisch vrijgegeven gebied

Het begon allemaal in 2010 toen Nils met zijn hond langs de Maas wandelde. Hij zag dat er een zandwin en natuurontwikkelingsproject van start ging (Over de Maas). Een enorm gebied zou hierbij worden afgegraven. Als archeoloog vermoedde Nils dat hier veel archeologie verloren zou gaan. Het gebied was namelijk vrijgegeven, er was geen verplichting tot archeologisch onderzoek. Toevallig kwam hij een collega archeoloog tegen met dezelfde gedachten. Ze besloten te gaan praten met projectontwikkelaar Nederzand. Uit deze gesprekken kwam een unieke samenwerking tot stand. Er werd een archeologische werkgroep opgericht met allemaal vrijwilligers. Ze functioneerden als de oren en ogen in het werkgebied en zorgden ervoor dat alle vondsten die werden gedaan bij elkaar bleven. Uiteindelijk mochten ze zelfs dagelijks mee op de zuigers om vondsten uit de zeef te vissen.

Een geheim project

Zeven jaar lang werken ze in het geheim, tot ze in 2017 de publiciteit opzochten. Doel was steun en geld te vinden voor deze unieke vindplaats. Een vindplaats die ondertussen al zo’n tweehonderdduizend vondsten heeft opgeleverd uit alle mogelijke tijdperken. Tijdens de lezing krijgen we één van de vele goodies in handen: een mammoetkies. Voor ons een unieke ervaring, maar Nils vertelt dat er ondertussen duizenden zijn gevonden. Ook krijgen we een aantal 3D prints van schepen te zien die zijn opgegraven. De teller staat ondertussen op 19. ODM VI, een vroeg middeleeuws schip, moest binnen tien dagen worden opgegraven, gedocumenteerd en geborgen. Op de website is een documentaire te zien van deze spoedopgraving.

3D model van ODM VII

3D model van ODM VII

Een bijzondere Romeinse plek

Tussen al deze vondsten zit ook een heleboel Romeins materiaal. Aardewerk, fibulae, wapens, vishaken, sieraden, noem het maar op. In 2015 werd echter een vreemde vondst gedaan. De werkgroep ontdekte een enorme hoeveelheid aan bewerkt natuursteen en ander materiaal uit de Romeinse tijd. Het lag op de plek waar in 1936 een bocht van de voormalige Maasloop is afgedamd. Door op zoek te gaan in de archieven is Nils erachter gekomen hoe dit materiaal op deze plek terecht is gekomen. Daarnaast heeft hij een interessante theorie over wat deze enorme hoeveelheid bewerkte stenen kan zijn geweest. Voor het volledig verhaal, lees het artikel! Zeker de moeite waard.

Aflevering 7: Een spel over de Limes

Een spel over de Romeinse Limes, het bestaat echt. Deze aflevering interview ik bordspelontwikkelaar Martyn F. Uiteraard vertelt hij alles over zijn spel Limes, dat de International Gamers Awards van 2014 heeft gewonnen. Maar we krijgen ook een inkijkje in het ontwikkelproces en het uitgeven van spellen. Spellen die aan bod komen zijn Wadi, Cities, Limes en Epoch. Ben je net als ik bordspellengek? Dan is deze aflevering zeker een aanrader!

Korte uitleg Limes: Het spel bestaat uit 24 genummerde kaarten. Je bouwt je Romeinse provincie met 16 kaarten. Uiteindelijk ontstaat er een vier bij vier veld. Tijdens het spel zet je poppetjes op één van de landschappen. Op de wachttorens werken soldaten, op het water vissers, op de akkers boeren en in het bos houthakkers. Elk landschap heeft zijn eigen manier om punten te tellen. Zo tel je op het water alle vissershutjes die langs het water liggen. Doel is om zo veel mogelijk punten te behalen.

Meer weten?

Lezingen langs de Limes: Deel 1

Afgelopen weken heb ik twee boeiende lezingen bezocht. Op 5 juni was ik in het Archeon voor de lezing Terug naar de thermen, gegeven door conservator Karen Jeneson (Thermenmuseum Heerlen). Op 18 juni was ik in Castellum Hoge Woerd voor de lezing Expeditie over de Maas, gegeven door archeoloog Nils Kerkhoven. Twee lezingen gehouden langs de Limes, maar niet specifiek over de Limes. In deze blog vertel ik meer over het Thermenmuseum.

Het Thermenmuseum tijdens mijn bezoek in 2010

Het Thermenmuseum tijdens mijn bezoek in 2010

In het Archeon staat een reconstructie van het badhuis dat in Heerlen is teruggevonden. Voor de echte resten kun je het Thermenmuseum bezoeken. Dit museum bestaat al sinds 1977. Volgens Karen Jeneson was het dan ook hoog tijd voor een grondige restauratie. Het museum heeft van de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed toestemming gekregen om het badhuis grotendeels terug te brengen naar de staat waarin het in 1941 is gevonden. Ook zijn een aantal delen gereconstrueerd zoals het er in de Romeinse tijd moet hebben uitgezien. Vanaf maart 2018 is het resultaat te bewonderen.

Maquette badhuis zoals ook te zien in Archeon (foto 2010)

Maquette badhuis zoals ook te zien in Archeon (foto 2010)

Tegelijkertijd is het museum in 2016 begonnen met een grootschalig onderzoek naar alle vondsten en sporen. Veel van de opgravingen in de jaren 40 en 50 van de vorige eeuw bleken nog niet uitgewerkt. Een heel team van internationale specialisten is ingezet en dit jaar zullen alle resultaten worden gebundeld. Dat dit zal leiden tot hele nieuwe inzichten werd tijdens de lezing al duidelijk. Zo is het maar de vraag of de reconstructie van het badhuis nog wel klopt. Het is afwachten tot de publicatie van het onderzoek om te zien tot welke bijzondere nieuwe inzichten het museum is gekomen.  

Waarom staat er een Romeins badhuis in Heerlen?

Tijdens de lezing legt Karen Jeneson uit waarom Heerlen zo'n welvarende plek was, dat er een publiek badhuis werd gebouwd. Ze toont een landschapskaart waarop te zien is dat in Nederland alleen Zuid-Limburg uit lössgrond bestaat. Dit is een zeer vruchtbaar landschap waar  in de Romeinse tijd al veel graan werd verbouwd. Het graan was onder andere bestemd voor de soldaten langs de Limes. Dit landschap wordt ook wel villalandschap genoemd. Grootgrondbezitters waren zo welvarend dat ze grote huizen lieten bouwen. In Zuid-Limburg stonden Romeinse villa’s in bijvoorbeeld Voerendaal en Simpelveld.

Mijlpalen die ooit langs de Via Belgica stonden (foto 2010)

Mijlpalen die ooit langs de Via Belgica stonden (foto 2010)

Door dit vruchtbare gebied lag de Via Belgica. Deze Romeinse weg liep van Boulogne sur Mer aan de Atlantische kust naar Keulen aan de Rijn. In Nederland liep deze weg van Maastricht tot Rimburg. Er is een mooie website over de Via Belgica in Nederland die ook mobiel is te bekijken. Een interessante route die zeker op mijn lijst staat om een keer te bezoeken. In Heerlen, oftewel Coriovallum, lag een belangrijk kruispunt. De Via Belgica kruist hier met een andere Romeinse weg die van Xanten via Aken naar Trier liep. Dit kruispunt van twee belangrijke hoofdwegen in het noorden van het Romeinse Rijk, hebben ervoor gezorgd dat Coriovallum kon uitgroeien tot een welvarend stadje.

Bronnen

Aflevering 6: Inscripties vertellen over het leven van Romeinse vrouwen

In een artikel van het AD Groene Hart stond dat ik Emily Hemelrijk had geïnterviewd. Dit was niet het geval, maar het was voor mij een mooie aanleiding om haar alsnog te vragen. Emily’s onderzoek naar Romeinse vrouwen aan de hand van inscripties is namelijk ontzettend interessant. De uitkomsten van haar onderzoek zorgen voor een completer beeld van de Romeinse geschiedenis.

Emily vertelt me hoe ze indertijd is begonnen met onderzoek naar vrouwen aan de hand van literaire bronnen. Bronnen die bijna allemaal door mannen zijn geschreven. Dat schetst al een bepaald beeld. Daar komt bij dat ze door mannen uit de elite zijn geschreven en in veel gevallen gaan over vrouwen uit de elite. Dat wil zeggen als het überhaupt over vrouwen gaat. Inscripties bieden een veel ruimer sociaal scala, met name als het gaat om grafinscripties. Ze zijn neergezet voor iedereen die dat kon betalen. En dat kon vanaf de lagere middenklasse tot de allerhoogste klasse.

Een ander probleem met literaire bronnen is dat ze gaan over de stad Rome. In de tijd van de keizertijd, het begin van onze jaartelling, is het Romeinse Rijk een gigantisch rijk. Dat loopt van wat nu Engeland is tot wat nu Irak is. Al die steden zijn op een zeker moment Romeinse steden. De mensen die er wonen krijgen op een zeker moment Romeins burgerrecht. Daar wonen dan allemaal Romeinse vrouwen. Emily is benieuwd naar juist deze vrouwen in de provincies. Gold voor hen dezelfde vrij strikte moraal van een vrouw hoort slechts één keer getrouwd te zijn, hoort thuis te zitten, hoort te weven en te spinnen? En dan kun je volgens haar alleen naar inscripties gaan, dan heb je niets aan die literaire bronnen. Het onderzoek naar inscripties opent een enorme groep. De mensen buiten Rome en de mensen buiten de elite.

Redenen om een schenking te doen

Vrouwen lijken op mannen als het gaat om schenkingen. Rijke Romeinse dames wilden waarschijnlijk dat hun stad er mooi uitzag en schonken daarom een gebouw. Uiteraard leverde het hen zelf behoorlijk wat eer en prestige op. Dat gold voor mannen, die kregen dan een standbeeld op het forum, maar dat gold voor vrouwen net zo goed. Emily heeft ze met elkaar vergeleken. Zijn vrouwelijke weldoeners anders dan mannelijke weldoeners en hoeveel vrouwen zijn het ten opzichte van mannen? Dit onderzoek was behoorlijk lastig, omdat mannelijke weldoeners nooit geteld zijn. Bij sommige gebieden heeft ze daarom een steekproef genomen. Ze kwam op 10 tot 20% vrouwen ten opzichte van mannen die grote schenkingen deden. Dat is een minderheid. De schenkingen zelf zijn daarentegen hetzelfde, of het nu een man of een vrouw is. Er zijn schenkingen van een miljoen sestertiën of meer gedaan door vrouwen. Bijvoorbeeld fondsen die opgericht worden voor de opvoeding van kinderen. Tempels en (amfi)theaters die gebouwd worden of aquaducten en wegen die worden aangelegd. Een klein verschil is dat vrouwen iets vaker een tempel hebben neergezet. Deze uitkomst vond Emily opmerkelijk. In de literatuur staat dat vrouwen kleinere schenkingen gaven, dat is dus absoluut niet waar. Het zijn wel minder vrouwen, dat is het verschil.

Zijn er inscripties gevonden in het Limesgebied?

Een andere uitkomst was dat inscripties van of voor vrouwen vooral rond de Middellandse zee te vinden zijn en in Italië zelf. Hoe noordelijker, des te minder inscripties er worden teruggevonden. Daarvoor zijn meerdere redenen te bedenken. Er was bijvoorbeeld minder steen aanwezig. Er waren ook minder steden en ze waren minder rijk. Los daarvan richten minder vrouwen iets groots op voor hun stad in noordelijke provincies in vergelijking tot mannen. Er zijn nog wel enkele mannelijke weldoeners, maar veel minder vrouwen in vergelijking tot het Mediterrane gebied. De weinige vrouwen in de noordelijke regionen die een schenking hebben gedaan, hebben tempels opgericht.

Het Limesgebied is een militaire zone. We denken altijd meteen aan legerkampen vol mannen. Uit grafinscripties blijkt echter dat vrouwelijke familieleden meetrokken met het leger. Luister de podcastaflevering om meer te weten te komen over deze reizende vrouwen. En kom alles te weten over de beroepen dei Romeinse vrouwen uitvoerden.

5 jaar DOMunder

Net als Woerden is Utrecht begonnen als Romeins fort: castellum Traiectum. Bijzonder aan Utrecht is de attractie DOMunder. De tour brengt je 5 meter onder het Domplein, waar je oog in oog staat met 2000 jaar geschiedenis. DOMunder bestaat alweer 5 jaar en afgelopen zaterdag werd dat gevierd met allerlei activiteiten.

Rob van Rijnshoeven bij de kruiwagen

Rob van Rijnshoeven bij de kruiwagen

Ik heb me goed voorbereid op het programma. Om elf uur sta ik op het Domplein om mee te gaan met mijn eerste onderdeel: de kruiwagentour. Rob van Rijnsoever is onze enthousiaste gids. We worden meteen aan het werk gezet. We staan rond een kruiwagen met daarop een plattegrond en Rob vraagt waar we zijn. De Dom en de toren zijn een handig herkenningspunt. Rob wijst op de kaart naar de zuidpoort van het Romeinse fort. Aan ons de taak om deze plek op het huidige plein te vinden. Met de kruiwagen en een schop in de hand gaan we op weg.

De geschiedenis ligt op straat

De tour is ontzettend leuk. Rob is een echte grappenmaker wat voor een goede sfeer in de groep zorgt. We krijgen verschillende kaarten te zien van het plein door de geschiedenis heen. Voor onze ogen verandert het Romeinse fort in een ruïne, waarna er verschillende kerken worden gebouwd. Daar is op het huidige plein niets meer van te zien. Of toch wel? Als we goed kijken zien we dat het fort, maar ook de verschillende kerken in het plaveisel zijn weergegeven. Een leuk idee, maar niemand die het doorheeft volgens Rob. Hij maakt zijn punt door ons te wijzen op een groepje mensen dat op het plein loopt. Ineens roept hij: ‘BAM, nu lopen ze de kerk uit… BAM, nu lopen ze het fort uit.’ Zijn stem galmt over het plein en wij liggen dubbel van het lachen. Eerlijk is eerlijk, het plaveisel was ons absoluut niet opgevallen.

Van plattegronden naar het echte werk

Dankzij Rob weten we nu precies hoe het plein door de tijd heen is veranderd. Met deze nieuw verworven kennis kunnen we het echte werk gaan bekijken. We mogen met een sneakpreview van DOMunder II mee. We krijgen de introductiefilm te zien en krijgen uitleg over de verschillende lagen die we zien. We staan op de Romeinse bodem, 5 meter onder het huidige straatniveau en zien de verschillende bouwlagen. Heel slim worden we na deze introductie naar buiten geleid en krijgen we een kortingsbon mee voor een volledige tour.

Dompleinspel met Wout de Boer

dompleinspel.jpg

Terug op het plein word ik uitgenodigd om het Dompleinspel te spelen, een ganzenbord over 2000 jaar geschiedenis van het plein. En zo sta ik ineens met twee tieners en Wout de Boer (de nieuw zakelijk leider van DOMunder) te dobbelen op het plein. Het zit me helaas niet mee. Ik kom een paar keer op achterstand, al weet ik vervolgens toch terug te komen. Wout gaat er uiteindelijk met de winst vandoor. Ik maak van de gelegenheid gebruik om hem te vragen naar de toekomstplannen. Hij vertelt me dat ze een groter deel willen opgraven. In de twintigste eeuw zijn er verschillende opgravingen geweest op het plein en het huidige DOMunder heeft daar slechts een klein gedeelte van blootgelegd. Het plan is om in 2020 opgravingen te organiseren van steeds zes weken, waarbij het publiek wordt uitgenodigd om mee te helpen. Het lijkt me een mooie manier om ervoor te zorgen dat mensen zich meer betrokken voelen bij hun hun stad en de geschiedenis. Ik ben benieuwd of dat inderdaad zo uitpakt.

Een bijzondere muntschat

Bij de entree van DOMunder I bevindt zich het introductiegedeelte met een kleine tentoonstelling. Speciaal voor deze gelegenheid is daar nu een vroegmiddeleeuwse muntschat te zien. Tijdens de bouw van DOMunder is er opnieuw archeologisch onderzoek uitgevoerd en is er gebruik gemaakt van een metaaldetector. In de tijd van de oorspronkelijke opgravingen hadden ze die nog niet. In totaal zijn er zo’n 15.000 metaalvondsten gedaan, waaronder tientallen gouden en zilveren munten. De schat die vandaag te zien is, wordt streng bewaakt. Toevallig komt burgemeester Jan van Zanen net even een kijkje nemen. Ik luister naar de uitleg die hij krijgt over het verschil in goudgehalte. Dat is inderdaad goed te zien aan het verschil in kleur.

De vroegmiddeleeuwse muntschat

De vroegmiddeleeuwse muntschat

DOMunder in 1936?

Ik sluit af met een lezing van Joost Boomsma. We zitten in een kleine bouwkeet. Hij vertelt over de historie van het plein en besteedt met name aandacht aan de archeologische opgravingen in de twintigste eeuw. Tijdens een opgraving in 1936 ontstaat namelijk voor het eerst het idee voor een keldermuseum waar bezoekers de archeologische resten kunnen bewonderen. Albert van Giffen leidt deze opgraving en krijgt in mei bezoek van het Utrechts college van B&W. Burgemester Ter Pelkwijk is zo enthousiast dat hij het idee van een keldermuseum oppert. Het plan wordt in eerste instantie aangenomen door de gemeenteraad. Maanden later blijkt het plan echter onuitvoerbaar. Door de crisis is het budget veel te laag om de grote problemen rondom de bouw, ontwatering, ventilatie en conservering van de resten op te lossen. De opgravingsput wordt uiteindelijk dichtgegooid.

de kleder van Van Giffen.JPG

Toch een keldermuseum?

In 1949 krijgt Van Giffen de kans om op het binnenplein te graven van wat nu het UCK is. In de oorlog heeft de Duitse Wehrmacht daar een bunker gebouwd. Van Giffen denkt de ommuring van het Romeinse fort te vinden. Hij krijgt toestemming om zes weken op te graven tijdens de zomervakantie. En dan vindt hij inderdaad het fort. Van Giffen bouwt een gewelf om de muur heen en heeft zo alsnog zijn keldermuseum. Het wordt echter geen publieksplek. Alleen wat notabelen en archeologiestudenten bezoeken de plek door de jaren heen.

Dan is het natuurlijk extra bijzonder dat wij vandaag door het luik mogen afdalen. Het luik vormt een kleine uitdaging, maar dan sta ik oog in oog met de Romeinse muur, net als Van Giffen 70 jaar geleden. Natuurlijk heb ik al vaker Romeinse muurtjes gezien. En ze zien er allemaal hetzelfde uit. Maar de combinatie van het verhaal, een luik dat met drie man moet worden geopend en een steile afdaling, maakt het toch wel tot een belevenis.

Dromen over DOMunder

Joost Boomsma met de beruchte sleutel van het luik.

Joost Boomsma met de beruchte sleutel van het luik.

Theo van Wijk, de initiatiefnemer van DOMunder, hoort in 1985 voor het eerst over de kelder. Het verhaal van het luikje fascineert hem. Het valt echter niet mee om de sleutel te achterhalen. Uiteindelijk staat hij net als wij vandaag voor de Romeinse muur in het keldertje. Hij gaat zich verdiepen in het Domplein en ziet ook een bezoekerscentrum voor zich. Theo is van huis uit architect en hij maakt een plan voor het keldertje. Hij plaatst een glazen plaat in het plafond waardoor bezoekers de Romeinse muur onder hun voeten kunnen zien. Binnen twee weken gaat het echter mis. Door het licht groeien er varens en mos op de muren. Opnieuw eindigt de droom van een keldermuseum.

Maar van fouten kun je leren. Over het huidige DOMunder is 20 jaar nagedacht. Alle problemen van 1936 kunnen met de huidige technieken worden aangepakt. En om de archeologische resten optimaal te beschermen is het altijd donker in DOMunder. De bezoekers krijgen een lamp mee. En dat maakt deze attractie eigenlijk alleen maar spannender. Na wat ik vandaag allemaal heb gehoord, ga ik zeker nog een keer terug voor een archeologische tour. Ik weet zeker dat ik nu met hele andere ogen kijk naar dit bijzondere project.

Aflevering 5: Marcus & Marbod, een stripverhaal langs de Limes

Gilius is de maker van Marcus & Marbod, een strip over de Romeinse tijd in Nederland. In deze strip komen zijn twee grootste jeugdpassies samen: strips en historie. In dit interview vertelt Gilius meer over het ontstaan van Marcus & Marbod, het maken van korte grapjes (gags) en zijn eerste lange verhaal De komst van de keizer.

In 2011 leerde ik Gilius kennen. Hij was mijn collega in het Archeon. Ik was onder de indruk van zijn kennis over de Romeinse tijd en toen al verschenen er regelmatig stripjes van zijn hand. Zijn gag van Marcus & Marbod geïnspireerd op het Archeonpubliek is heel herkenbaar. Als Archeotolk probeer je zo authentiek mogelijk te zijn. Dat betekent geen bril, geen horloge en al helemaal geen smartphone. Maar een park heeft te maken met allerlei veiligheidseisen waar je niet aan ontkomt. Regelmatig heb je dan ook een wijsneus voor je die de brandblussers aanwijst. Inderdaad, die waren er nog niet in de Romeinse tijd.

Gilius had zo zijn eigen ervaringen met jonge wijsneuzen. Maar daar had hij een antwoord op. In de Romeinse tijd waren er ook geen gidsen om mensen rond te leiden en er waren geen kinderen met spijkerbroeken aan die de hele tijd vragen stelden. Deze herinnering inspireerde hem tot een strip waarin Marcus & Marbod worden overrompeld door allerlei volwassenen en kinderen die zich gaan gedragen zoals het Archeonpubliek. Maar door de Romeinse setting, wordt het toch een heel ander verhaal.

Gilius’ versie van een Archeonsituatie in de tijd van Marcus en Marbod

Gilius’ versie van een Archeonsituatie in de tijd van Marcus en Marbod

Een strip met vele lagen

Dankzij het interview bekijk ik Marcus & Marbod nu met andere ogen. Als archeoloog was het me al opgevallen hoe gedetailleerd de strips zijn. Gilius wil duidelijk waar mogelijk de Romeinse tijd zo authentiek mogelijk weergeven. Dat zie je terug in de kleding en de hele setting, maar ook in de tekst. Af en toe gebruikt hij vaktermen die worden uitgelegd met behulp van een sterretje. Terwijl je een spannend verhaal leest, leer je onbewust nieuwe dingen over de Romeinen.

idee olielampje

Dit is slechts de eerste laag. Grapjes en details zijn op allerlei niveaus terug te vinden. Zo hebben de Romeinen soms bijzondere namen gekregen. Gilius geeft de tip om ze eens door Google Translate te halen. De Romeinen denken en vloeken bovendien op geheel eigen wijze. Daarbij wordt het heden en verleden vaak op een leuke manier met elkaar verweven. Als iemand een goed idee heeft, gaat er een lampje branden. In de Romeinse tijd is dat uiteraard geen gloeilamp, maar een olielampje. Het is voor ons heel herkenbaar, maar dankzij de Romeinse uitvoering sta je er toch even bij stil hoe anders het 2000 jaar geleden was.

Vervloekingstablet gebruikt als tekstballon

Vervloekingstablet

Een bijzonder detail waar Gilius me op wijst, is wanneer Marcus & Marbod worden vervloekt. De tekstballon krijgt op dat moment de vorm van een Romeins vervloekingstablet. Deze is teruggevonden in Bodegraven en bevindt zich nu in Museum Het Valkhof in Nijmegen. De Romeinen gebruikten loden plaatjes om hun vervloekingen of verwensingen op te schrijven. Vervolgens werd het plaatje opgerold en ergens verborgen, zodat alleen de goden het konden lezen. Op het vervloekingstablet in Bodegraven staan de namen van 21 soldaten geschreven. De vraag is natuurlijk wie dit heeft geschreven en met welke reden. Daar kan alleen naar worden gegist. Het is een slim detail van Gilius om een subtiele verwijzing te maken naar een echte vondst.

Meer weten?

  • Marcus & Marbod hebben hun eigen Facebookpagina: @MarcusMarbod

  • Gilius is tevens actief op de website Romeinen.info. Hij schrijft artikelen en brengt het Romeinse verleden tot leven met zijn gedetailleerde tekeningen. Deze website heeft een apart jeugdgedeelte.

  • Op bovenstaande website staat een artikel over het vervloekingstablet dat is gevonden in Bodegraven.

Blog: NIGRVM PVLLVM en de Zwammerdamschepen

Slechts 20 minuten rijden vanaf Woerden ligt Zwammerdam. Dit kleine plaatsje vlak bij Bodegraven is in de archeologische wereld alom bekend dankzij de Romeinse schepen die begin jaren zeventig van de vorige eeuw zijn opgegraven. Op dinsdag zijn er tussen 14u en 16u gidsen aanwezig in het Limesbezoekerscentrum dat hier is gevestigd. Tijd voor een bezoek.

Mijn navigatiesysteem brengt me naar een huizenblok. Gelukkig zie ik net daarvoor een groot bord van Zorglocatie Hooge Burch, waar het Limesbezoekerscentrum is gevestigd. Ik sla rechtsaf en kom op een groot terrein uit. De parkeerplaats Nigrum Pullum, waar een groot bord met een Romeins schip staat, lijkt me een toepasselijke plek om te parkeren. Te voet volg ik de bordjes naar Café De Haven, waar het Limesbezoekerscentrum NIGRVM PVLLVM is gevestigd. De route is duidelijk aangegeven.

Limesbezoekerscentrum Nigrum Pullum in Grandcafé De Haven

Limesbezoekerscentrum Nigrum Pullum in Grandcafé De Haven

Al bij binnenkomst word ik meegenomen naar het verleden. Links op de wand zie ik zwart-wit foto's van de opgravingen in de jaren zestig en zeventig van de vorige eeuw. Rechts is een sfeerimpressie van de haven die langs het Romeinse fort lag. De vloer is extra bijzonder. Hier is het Romeinse vrachtschip de Zwammerdam 6 op ware grootte nagemaakt. Het schip nodigt me uit naar binnen en begeleidt me langs de tentoonstelling. Links is een winkeltje met Limes producten en daarachter het café. Rechts is volledig gewijd aan de Zwammerdamschepen, het fort en de Romeinse vondsten. De schaalmodellen van Mart Scheer (aflevering 2) hebben een mooie plek gekregen in een grote vitrine met andere schaalmodellen die ook vanaf buiten is te bezichtigen.

Schaalmodellen van de Zwammerdamschepen

Schaalmodellen van de Zwammerdamschepen

Mijn gids John de Vries (Het Genootschap NIGRVM PVLLVM)

Mijn gids John de Vries (Het Genootschap NIGRVM PVLLVM)

Ik word verwelkomd door een gids van Het Genootschap NIGRVM PVLLVM. Zijn naam is John de Vries en met veel enthousiasme vertelt hij me alles wat ik wil weten en meer. Zijn interesse gaat uit naar de militaire geschiedenis en de veroveringstochten van Julius Caesar, Drusus en Germanicus. John woont zelf in Bodegraven waar hij actief is op het gebied van de Romeinen. Hij begeleidt Limeswandelingen en schrijft af en toe een artikel voor de Stichting Historische Kring Bodegraven. Ook heeft hij een informatiebord over de Romeinen gemaakt, dat in het centrum van Bodegraven staat. Daarnaast is hij vrijwilliger in het museum bij Archeon en start hij binnenkort als gids voor de Zwammerdamschepen die daar live worden gerestaureerd. John heeft duidelijk een groot hart voor de Romeinen.

Samen met twee andere bezoekers gaan we vervolgens naar buiten en laat John ons de locatie van het fort zien. Dankzij de Peutingerkaart en de bekende plaatsen van forten in bijvoorbeeld Woerden en Alphen aan de Rijn, denkt men te weten dat dit fort Nigrum Pullum (zwarte aarde) is. Het is het kleinste fort langs de Limes in Nederland. Door middel van gekleurde vlaggen is de omvang van het fort weergegeven. Witte vlaggen laten zien waar de poorten lagen. Eén van de opgegraven gebouwen binnen het fort, de principia (het hoofdgebouw), is duidelijk te zien. De contouren zijn door middel van houten bankjes zichtbaar gemaakt.

John neemt ons mee naar Castellum Nigrum Pullum

John neemt ons mee naar Castellum Nigrum Pullum

Schildknop met inscirptie

Schildknop met inscirptie

Na de rondleiding bekijk ik de vitrines met Romeinse vondsten. Er liggen bijzondere objecten tussen, zoals een schildknop met inscriptie. Soldaten zetten hun naam op hun eigendommen. Deze schildknop is van eigenaar gewisseld. Hij was eerst van de ruiter Pupus en later van de ruiter Hahucus. Deze laatste naam is Germaans. Zulke inscripties vind ik altijd bijzonder, omdat er op dat moment een persoon aan is gekoppeld die zo’n 2000 jaar geleden echt heeft geleefd.

Dankzij mijn bevlogen gids John was dit een geslaagd bezoek. Het is bovendien een mooie tentoonstelling met duidelijke informatie. Zeker een bezoek waard. Mocht je tijd hebben om op dinsdagmiddag tussen 14u en 16u een bezoek te brengen aan Nigrum Pullum, dan zou ik dat zeker doen. De gidsen zijn aanwezig vanaf april t/m september.

Aflevering 4: De Brittenburg, een cold case uit de archeologie

Tom Buijtendorp is de auteur van meerdere publieksboeken op het gebied van de Romeinse tijd in de lage landen. Zo schreef hij eerder over keizer Trajanus, keizer Hadrianus en Julius Caesar. Nu is daar het boek en de tentoonstelling over de Brittenburg, een mysterieuze ruïne die eeuwen geleden in zee is verdwenen. Onduidelijke schetsen en kaarten uit de zestiende eeuw maakten dat er vele theorieën bestonden over het oorspronkelijke bouwwerk. Het leek een onopgeloste zaak, maar Tom denkt na jarenlang onderzoek deze archeologische cold case te hebben opgelost.

Tom Buijtendorp op de tentoonstelling in het Katwijks Museum

Tom Buijtendorp op de tentoonstelling in het Katwijks Museum

Elke keer als ik een presentatie van Tom bijwoon of één van zijn boeken lees, word ik meegezogen in één van zijn onderzoeken. Het is zeker een gave hoe hij steeds puzzelstukjes vrijgeeft en zo tot een conclusie of nieuw inzicht komt. Hij giet zijn onderzoek in de vorm van een reisboek en stimuleert de lezer om met het boek onder de arm de verschillende Romeinse resten te bezoeken die in zijn onderzoek een rol spelen.

Als een ware ambassadeur van ons Romeinse erfgoed oppert hij bovendien manieren om het Romeinse verleden zichtbaar te maken. Een mooi voorbeeld is zijn jarenlange onderzoek naar Forum Hadriani, een Romeinse stad bij Voorburg, waar hij als niet-archeoloog uiteindelijk op is gepromoveerd. De reconstructies van Romeinse winkels in het Archeon zijn een zichtbaar resultaat van dat onderzoek.

De Brittenburg

Misschien is het al opgevallen dat Tom Buijtendorp jarenlang onderzoek absoluut niet schuwt. Bovendien heeft hij een duidelijke voorkeur voor onopgeloste zaken. De Brittenburg spreekt tot de verbeelding, juist omdat het in zee is verdwenen. Als Zeeuwse ben ik me bewust van de strijd die we constant voeren tegen de zee. Zo is ook het land bij Colijnsplaat ooit afgebrokkeld en is de tempel van Nehalennia volledig in zee verdwenen. Bij toeval kreeg een visser in 1970 brokstukken in zijn netten. Drie jaar lang werd er onderzoek gedaan en werden er vele altaarstenen en onderdelen van de tempel opgevist.

Het onderzoek naar de Brittenburg is wat dat betreft een stuk lastiger. De ruïne is in zee verdwenen en ondertussen bedekt door een dikke laag opgespoten zand. Tom heeft daarom een andere weg bewandeld. Hij onderzocht historische bronnen en kaarten waarop ofwel de Brittenburg wordt vernoemd, ofwel Lugdunum, de Romeinse plaats waar het fort onderdeel van uitmaakte.

Tentoonstelling Katwijks Museum

Tentoonstelling en boek Brittenburg

Tegelijkertijd met de publicatie van het boek, verscheen in het Katwijks Museum een tentoonstelling waarin veel van de door Tom onderzochte bronnen bij elkaar te zien zijn. Zo wordt de bezoeker net als in het boek uitgenodigd om zelf op onderzoek uit te gaan en mee te kijken hoe Tom uiteindelijk tot zijn reconstructie van de Brittenburg komt. De tentoonstelling is nog t/m 25 mei te bezichtigen. Volgende week is de allerlaatste week, wacht dus niet te lang! 

Meer weten?

Blog: Liefdesrelaties langs de Limes en hoogstaande haarmode

Voor deze tweede blog in het kader van de Romeinenweek zijn we in het Allard Pierson in Amsterdam, waar ik al 10 jaar als rondleider werkzaam ben. Op de afdeling Van Rome tot Romeins springt een dame met een bijzonder kapsel meteen in het oog. Tegenover haar staat een gedenkteken met inscriptie. Hier geen portret, maar wel een naam: Louba.

Een belangrijke bron van kennis voor de Romeinse tijd zijn begraafplaatsen. Grafmonumenten zijn vaak bewaard gebleven en geven een kijkje in het leven van Romeinse vrouwen. Zo ook in het Allard Pierson.

Verschillende grafmonumenten in het Allard Pierson. Links de grafsteen voor Louba, één van de sleutelstukken op de afdeling  Van Rome tot Romeins .

Verschillende grafmonumenten in het Allard Pierson. Links de grafsteen voor Louba, één van de sleutelstukken op de afdeling Van Rome tot Romeins.

Een gedenkteken voor een geliefde

De Limes was een militaire zone. In een fort leefden honderden soldaten bij elkaar. Het is niet zo moeilijk om je voor te stellen dat er dan wel eens liefdesrelaties ontstaan met dames uit de directe omgeving van het fort. Op de Romeinse afdeling hebben we hier een mooi voorbeeld van. Het gaat om een grafsteen met inscriptie (bruikleen RMO). Deze is gevonden bij Novaesium (het huidige Neuss in Duitsland), een legerkampement langs de Limes. De Latijnse tekst is als volgt vertaald:

"Louba, de dochter van Gastinasus, uit Ubië ligt hier begraven,
Quintus Cornelius, de zoon van Quintus, van de stam Galeria, voor zijn vrouw."

Quintus Cornelius was als Romeins soldaat waarschijnlijk gelegerd in Novaesium. Hij behoorde tot de eerste generatie militairen afkomstig uit het middellandse zeegebied die aan de Rijn gelegerd werden in de strijd tegen de Germanen. Quintus wijdde in de eerste helft van de eerste eeuw na Christus deze steen aan zijn vrouw Louba. Haar naam betekent 'geliefde' in het Germaans. Ze behoorde tot de lokale bevolking, de Ubiërs. Deze grafsteen laat mooi zien hoe langs de grens van het Romeinse Rijk de liefde opbloeide tussen een man en een vrouw uit twee verschillende culturen. Romeinse soldaten mochten tijdens hun diensttijd niet trouwen. Misschien had hij zijn diensttijd er al op zitten. Het is ook mogelijk dat ze een buitenechtelijke relatie hadden. In ieder geval beschouwde Quintus Louba als zijn vrouw.

Wil je meer weten over het liefdesleven van soldaten? Lees dan ook het verhaal van de Bataafse Mattua in de galerij van vrouwen op de website van de Romeinenweek.

Haarmode voor hoogstaande vrouwen

Bij mijn rondleidingen over de Romeinse afdeling neem ik altijd een bijzondere dame mee in mijn verhaal. Ze leefde aan het eind van de eerste eeuw na Christus ten tijde van de Flavische keizers (een rijke Romeinse familie die van 69 tot 96 aan de macht was). Dat weten we dankzij haar geweldige kapsel. De keizerin bepaalde namelijk de haarmode. Ze werd op munten afgebeeld die zich door het rijk verspreidden. De rijke dames, zoals de hier afgebeelde jongedame, wilden uiteraard volgens de laatste mode gekapt gaan en volgden de trends.

Grafbeeld op de afdeling  Van Rome tot Romeins  in het Allard Pierson.

Grafbeeld op de afdeling Van Rome tot Romeins in het Allard Pierson.

Het Flavische kapsel

Hoe maakten ze dit kapsel? Er werd een scheiding overdwars gemaakt, waarbij het haar aan de voorkant werd gekruld tot een hoge krullenkrans. Deze moest de draagster langer doen lijken. Het haar aan de achterkant werd gevlochten en in een knot bijeengebonden. Lang niet alle dames hadden het lange dikke haar dat nodig was voor zo'n kapsel. Haarstukken, pruiken en valse vlechten waren heel gewoon.

Los haar staat voor losbandigheid

Deze dame kwam ik tegen in de Glyptotheek München (2017).

Deze dame kwam ik tegen in de Glyptotheek München (2017).

Als liefhebber van los haar moet ik er niet aan denken dat iemand uren aan mijn kapsel bezig is. Stel je voor dat de krultang te heet is (een reële angst in die tijd) of dat je lekker door je haar wilt woelen. Dat kan niet, want elk onderdeel werd met naald en draad vastgezet. Had ik in de Romeinse tijd geleefd, dan was ik er trouwens niet onderuit gekomen. Losse haren wezen op losbandigheid. Als nette getrouwde vrouw zou ik mijn haar wel moeten opsteken. In ieder geval was mijn kapsel waarschijnlijk een stuk minder ingewikkeld, want ik was vast niet rijk genoeg voor mijn eigen ornatrix (kapster).

Wil je meer weten over de kapsels in de Romeinse tijd? Lees dan ook de column van Rosa Houkers en Dorothee Olthof. Of bekijk het boek van Dorothee Olthof en Martine Teunissen: Beauty & Fashion, de laatste trends uit het Oude Rome, Sidestone Press.

Literatuur:

  • Hupperetz, W. & B.F. van Oppen (2014). Een gedenkteken voor een geliefde. In  Hupperetz, W. (red.) Van Rome naar Romeins (p. 111). Zwolle: WBOOKS

  • Beek, R. van & G. Jurriaans-Helle (2016). Een overleden dame met een bijzonder kapsel. Allard Pierson Mededelingen, 113 - 2016, 10-13.

Vind je de Romeinen interessant? Luister dan ook mijn podcast De Limes leeft!
Je kunt je abonneren via iTunes of me volgen op Facebook @delimesleeft

Aflevering 3: Kleding maakt de Romeinse vrouw

Wat droegen de Romeinse vrouwen langs de Limes? Speciaal voor de Romeinenweek 2019 waar vrouwen dit jaar de hoofdrol spelen, zocht ik het uit. Ik sprak met Ratna Drost, die als Romeinse dame Briseis in het Archeon vaak meer tijd doorbrengt in het verleden dan in het heden.

Ratna Drost is geboren in Woerden en woonde langs de Oude Rijn. Daardoor is ze met de Romeinse geschiedenis opgegroeid. 300m vandaan haar huis is de Woerden 7 opgegraven. Beide ouders werken in het basisonderwijs en hebben een voorliefde voor geschiedenis. Ze nemen hun kinderen overal mee naar toe. Thuis zijn er stapels boeken over de geschiedenis van Nederland en wordt er naar historische series gekeken.

Op de middelbare school is het voor Ratna al snel duidelijk dat ze iets met cultuur wilt doen. Op dat moment is ze veel bezig met kunst en kiest ze voor een studie kunstgeschiedenis. Toch blijft de oudheid fascineren en na haar studie gaat ze werken in het Archeon. Daar duikt ze in de wereld van de kleding. Aan de hand van bekende vondsten van Romeins textiel en afbeeldingen op bijvoorbeeld fresco's of mozaïeken maakt ze de kleding na.

Ondertussen is de collectie van Ratna behoorlijk gegroeid. Ze heeft een stijlcollectie van Romeinse kleding die aan de vormtaal van de Romeinen voldoet. Deze bestaat uit 40 tot 50 stuks kleding. Daarnaast heeft ze zo'n 15 reconstructiestukken, die één op één zijn nagemaakt. Hierin zitten ook stukken van bijvoorbeeld de Grieken. Zo kan ze kleding tonen van 1600 v.Chr. tot ongeveer de zesde eeuw n.Chr.

Ratna doet meer dan de kleding dragen in het Archeon. Ze geeft lezingen en werkt mee aan tentoonstellingen. Steeds vaker ontvangt ze opdrachten om kleding te maken voor reenactors (mensen die de Romeinse tijd naspelen) wereldwijd of voor musea.

Meer weten?

Met dank aan:

Teaser aflevering 3: Maak kennis met Briseis

Aanstaande zaterdag 4 mei start de Romeinenweek en post ik een speciale aflevering in het kader van het thema Waar zijn de vrouwen?. Vandaag kun je alvast kennismaken met de Romeinse dame die ik voor deze gelegenheid heb geïnterviewd.

Er zijn een paar plekken in Nederland waar je nog echte Romeinen tegenkomt. Briseis werkt in het Archeon. In deze teaser vertelt ze over de verschillende rollen die ze speelt. Dit kan variëren van rijke dame tot slavin. Bij elke rol hoort een uniek verhaal.

Aflevering 3 De Limes leeft!

In de officiële aflevering leer je de persoon achter Briseis kennen. Ratna Drost werkt zoals gezegd in het Archeon en heeft zich gespecialiseerd op het gebied van historische kleding. Ze doet onderzoek, maakt de kleding zo authentiek mogelijk na en test het uit.

Wil je weten hoe de Romeinse vrouwen in het Limesgebied eruit zagen? Luister dan aanstaande zaterdag naar een nieuwe aflevering van De Limes leeft!

Blog: Nehalennia, een Zeeuwse godin

tijdschrift Romeinenweek 2019

Een blog geïnspireerd op het thema van de Romeinenweek

Volgende week begint de Romeinenweek. Er is een gratis magazine met interessante artikelen over het thema van dit jaar: Waar zijn de vrouwen?. De komende weken zal ik blogs schrijven geïnspireerd op de verhalen in dit tijdschrift.

Ik begin met een blog dat aansluit bij het artikel over menggodinnen, waar een foto van een altaarsteen voor Nehalennia meteen in het oog springt. Nu heb ik in de pilotaflevering  van De Limes leeft! verteld over mijn logo met op de voorgrond een tempel voor Nehalennia. De godin zelf is echter ook aanwezig in mijn badkamer. Niet als altaarsteen, maar als terracotta cultusbeeldje staat ze afgebeeld in een nis.  

artikel menggodinnen.JPG

Wie was Nehalennia?

Nehalennia was een inheemse godin die ook door de Romeinen werd vereerd. Haar tempels lagen bij Colijnsplaat en Domburg aan de monding van de Oosterschelde. Vanaf hier staken handelaren de Noordzee over naar Britannia (Engeland). Ze offerden aan Nehalennia om zeker te zijn van een behouden vaart. Als dank schonken ze haar altaarstenen.

Een groot deel van de altaarstenen kun je terugvinden in het Rijksmuseum van Oudheden. De godin is heel herkenbaar. Ze draagt een kort schoudermanteltje dat misschien door lokale vrouwen werd gedragen. Ze wordt afgebeeld met een mand appels en een hond. Meestal zit ze op een troon, maar soms is er een directe verwijzing naar haar rol als beschermster van de scheepvaart. Dan staat ze met één voet op de boeg van een schip. Zo heb ik haar laten afbeelden in mijn badkamer.

Waarom Nehalennia?

Nehalennia herinnert me aan waar ik ben geboren. Ze komt dan wel van 'de overkant', maar haar Zeeuwse identiteit en haar band met de zee is duidelijk. Zelf kom ik uit Zeeuws-Vlaanderen en ben ik opgegroeid in de omgeving van de Westerschelde. Mijn vader en broer zijn sportvissers en hebben een visboot. Ik vind het fijn om mee het water op te gaan en een rondje te varen. Maar dan wel met mooi weer en rustig water. Paul Louis Kalishoek (de schilder van mijn badkamer) heeft de boot van mijn familie nageschilderd. Hij woont zelf ook bij de kust en heeft jarenlang de golven geobserveerd. De foto van de boot is gemaakt op een zonnige dag, maar op het schilderij is het noodweer. 

De visboot van mijn vader en broer op de Westerschelde. Schildering door P.L. Kalishoek |  Fantastic Visions

De visboot van mijn vader en broer op de Westerschelde. Schildering door P.L. Kalishoek | Fantastic Visions

Wie is Paul Louis Kalishoek?

Ik heb het werk van Paul voor het eerst gezien in het Archeon. Daar werkte ik regelmatig in het Romeinse badhuis en was het niet moeilijk me in andere tijden te wanen. Op het moment dat ik had besloten om een Romeinse badkamer te laten bouwen, heb ik zijn website Fantastic Visions opgezocht. Ik was al snel overtuigd. De manier waarop hij illusies creëert vind ik heel bijzonder. Je kijkt niet naar een plat beeld, maar ziet alles in 3D. In mijn badkamer kijk ik door een venster naar de buitenwereld en Nehalennia staat in een nis.

Paul heeft veel tijd doorgebracht in Italië, waardoor hij veel Romeinse resten in het echt heeft gezien. Vooral de bouwkunst fascineert hem en dat heeft hij dan ook grondig bestudeerd. Daarnaast brengt hij veel tijd door in de natuur. Hij vertelde me dat goede verhoudingen slechts de basis vormen. De details moeten kloppen. Bij een Romeins tafereel horen Romeinse lijsten en randen. Hij ziet het als uitdaging om in welke ruimte dan ook een sfeer en een illusie te scheppen. Mijn opdracht vond hij interessant, omdat achter elk element een verhaal zat. Zo ging het voor hem leven.

Nehalennia in het Archeon, 2011

Nehalennia in het Archeon, 2011

Speciale aflevering De Limes leeft! in het kader van de Romeinenweek

RomeinenNu, de organisatie van de Romeinenweek, heeft me gevraagd om een special te maken die aansluit bij het thema Waar zijn de vrouwen?. Daarom sprak ik met een echte Romeinse dame. Ratna Drost brengt het grootste gedeelte van haar tijd door in de Romeinse tijd. Zij heeft zich gespecialiseerd op het gebied van historische kleding. Ze doet archeologisch en historisch onderzoek en vervolgens maakt en test ze de kleding. Ze werkt als Briseis (haar Romeinse personage) in het Archeon en vervult daar verschillende rollen. Zo heb ik haar jaren geleden leren kennen. Ik herinner me nog goed hoe we in de rol van priesteres de tempelceremonie uitvoerden. Zij kon dat als ze wilde volledig in het Latijn. Samen met de bezoekers brachten we offers aan godin Nehalennia. En zo is de cirkel weer rond. 

De Romeinenweek vindt plaats van 4 t/m 12 mei. De officiële opening is een dag eerder. Aan het begin van de Romeinenweek zal ik de special met Ratna Drost online zetten.

Meer weten over de Romeinenweek?

Aflevering 2: Romeinse schepen op schaal

Hoe graaf je een Romeins schip op en waar let je op bij het maken van een schaalmodel?

Mart Scheer is een geboren Woerdenaar en bekend amateurarcheoloog. In 1978 komt hij voor het eerst in aanraking met archeologie, tijdens de opgraving van de Woerden 1. Na de opgraving van de Woerden 7 in 2003 besluit hij zijn ander hobby modelbouw in te zetten voor het op schaal maken van de opgegraven Romeinse schepen.

Meer weten?

Blog: Muziek langs de Limes

De beste ideeën ontstaan in de kroeg, zo is mij weleens verteld. Sinds kort kan ik deze uitspraak beamen. Deze blog gaat over de totstandkoming van de muziek bij mijn podcast De Limes leeft! en over de makers Jessica Polak en haar partner Renadi Santoso.

Jessica en ik kennen elkaar nu zo'n 5 jaar. In 2013 werd ze mijn collega publieksbegeleider en rondleider in het Allard Pierson Museum (sinds kort het Allard Pierson). Begin dit jaar namen we samen met twee andere collega's afscheid als publieksbegeleider. Na de officiële borrel in het museum zetten we het feest voort in Kapitein Zeppos, het stamcafé waar al menig collega een verjaardag of afscheidsfeestje heeft gevierd.

Hoe klonken de Romeinen?

Ik vertelde Jessica over mijn plan om een podcast over de Romeinse Limes op te starten en de kracht van een muzikale intro. Een sterke melodie zou mijn podcast herkenbaar en professioneler maken. Al snel waren we aan het brainstormen. Welke instrumenten hadden de Romeinen en wat voor sfeer past daarbij? In ons hoofd hoorden we de soldaten marcheren en de hoorns (Latijn: bucinae) schallen. Jessica is tevens een ervaren muzikant en componeert haar eigen stukken. Ze had meteen inspiratie en zo sloten we een geslaagde avond af met een hoofd vol ideeën.

Jessica Polak componeert de intermezzi

Jessica Polak componeert de intermezzi

Zo'n mooie kans kon ik uiteraard niet laten liggen. Ik mailde Jessica de volgende dag of ze wilde samenwerken. Het leuke was dat Jessica het idee al met haar partner Renadi Santoso (ook professioneel muzikant) had gedeeld. Nog voor ik langskwam stuurden ze me een paar ideeën op: Limes Bazuin, Limes Gallia en Limes Via. Vol verwachting downloadde ik de stukken. De melodie van Limes Bazuin bleef meteen in mijn hoofd zitten, een goed teken voor een intro. Familie en vrienden (die niets met Romeinen hebben) hadden ook een voorkeur voor Limes Bazuin en vonden die bovendien het meest 'Romeins' klinken. Limes Via was minder herkenbaar maar had iets speciaals: een magisch geluid, dat me deed denken aan het stromende water van de Rijn.   

Renadi Santoso achter de synthesizer

Renadi Santoso achter de synthesizer

Het ontstaan van mijn podcastmuziek

Je zult begrijpen dat ik stond te springen om aan de slag te gaan met Jessica en Renadi. Maandag 25 maart was het zover. Thuis in Amsterdam maakte ik kennis met Renadi en na een kopje thee gingen we aan de slag in de muziekkamer. Jessica pakte haar bladmuziek erbij en Renadi ging achter de synthesizer zitten. We startten met Limes Bazuin. De basis was sterk, maar het duurde iets te lang en het einde was te heftig. Het was mooi om te zien hoe slechts enkele aanpassingen tot een ijzersterk intro leidden. Ik vroeg of ze iets met de magische muziek konden doen van Limes Via. Ik zag een soort overgangsmelodie voor me, om verschillende hoofdstukken te onderscheiden. En zo kwamen ook de intermezzi tot stand.  Eenmaal thuis plaatste ik de muziek in de pilotaflevering en zo ontstond mijn eerste podcast. Ik ben trots op het resultaat. Bedankt Jessica en Renadi!

Over de makers

Jessica Polak en Renadi Santoso ontmoetten elkaar 28 jaar geleden in het Tropenmuseum in Amsterdam. Jessica volgde daar de gamelanlessen van Renadi, en al gauw speelde ze volop mee in het (nog steeds actieve) Balinese gamelanorkest Gong Tirta. Zo werden Renadi en Jessica muzikale én levenspartners.

Naast de Indonesische muziek beoefenen Renadi en Jessica ook ‘gedroomde muziek uit verre tijden’. Onder de naam Eté Parfait componeren en vertolken zij muziek in de sfeer van folk, middeleeuwen en renaissance. Speciaal voor De Limes Leeft! componeerde Jessica de herkenningstune en de intermezzi. Renadi speelde de muziek in op de synthesizer.

Meer muziek van Jessica en Renadi:

Kalangkang (Javanese chambermusic): https://kalangkang.bandcamp.com/

Contact: renadisantoso0@gmail.com